De vijand telt niet

De kosmische rode draad door al het leven, de essentie en de schoonheid ervan is de strijd. Alles is doordrenkt van het eeuwige spel tussen Orde & Chaos. Deze twee uitersten zijn als ijs en vuur. Het ijs is vast in zijn vorm, onbeweeglijk, schijnbaar eeuwig. Het is stagnatie en stilstand, maar hierdoor ook een beeld van geduld en reflectie. Vuur is daarentegen ongrijpbaar, altijd in beweging en vluchtig. Het is vernietiging en in de as ervan ligt wedergeboorte, een metamorfische vernieuwing. Orde & Chaos vertoont veel gelijkenissen. Orde staat voor het op natuurlijke wijze in elkaar grijpende, het verwezenlijkte, dat wat zijn vorm gevonden heeft, het gebaande pad dat ruimte geeft voor verdieping. Dit levert echter ook het gevaar van bevriezen, stagneren, gewenning en een verlies van levenskracht. Chaos staat voor het uiteenvallen, verlies van samenhang, ontwrichting, vluchtigheid en afsterven, maar ook het breken om opnieuw vruchtbare grond te creëren . Wie de Germaanse mythes kent, kent vrij zeker ook dit krachtenspel.

Van de natuurwetten tot en met ons dagelijks leven zien we dit terug. De krachten van Chaos, zowel van menselijke hand als van kosmische oorsprong, kunnen we in één woord entropie noemen, ofwel kort gezegd, de natuurlijke neiging tot verval. Wanneer men zijn tuin bijvoorbeeld niet onderhoudt, vervalt het tot een wildernis, totdat het levende weer ingrijpt en een nieuwe ordening er in aanbrengt. Wil de mens grip krijgen op zijn leefomgeving (die altijd een levende omgeving moet zijn), dan zal hij zich moeten blijven inspannen om deze grip te behouden. Entropie is iets wat nooit zal verdwijnen. De enige remedie tegen de gravitoire werking van entropie, ofwel dat wat alles naar beneden trekt, is een antigravitoire levenshouding. Hij zal strijd als het ultieme fundament moeten omarmen.

 

Deze antigravitoire levenshouding strekt zich noodzakelijkerwijs uit over het gehele domein van het leven, en is in essentie een heroïsch spirituele levenshouding. Het richt zich op de materiële aspecten van het leven, maar ook op de martiale en spirituele aspecten. Dit betekent ook dat men niet kan volstaan met enkel gedachten en daden die zich tegen gravitoire elementen keren. Het is niet enkel een tegen iets zijn. Het is juist een leven vanuit levenskracht en scheppingskracht. De mens als schepper van het krachtgevende, als protagonist, als willende polaire kracht die door zijn werken een centrum van niet-vluchtige beweging wordt.

 

In iedere natuurlijke samenleving, namelijk de samenleving die in lijn met zijn ziel een eigen samenhang heeft, werken gravitoire krachten. Soms van menselijke hand, soms buiten de menselijke invloed om. Wij zien dan de levenskracht ondermijnende invloeden die zich om ons heen manifesteren. Het is dan al te verleidelijk om je energie, ergernis en toorn te richten tegen deze krachten en tegen het gezicht dat het aan ons toont. Soms kan dat ook nodig zijn, maar dan alleen als uitzondering. Er is namelijk niets dat het gravitoire, het levenskracht ondermijnende sterker keert, dan de levenskrachtige scheppende daad.

 

Kracht schept zijn eigen ruimte. Kracht als heroïsch spirituele daad, niet als middenweg tussen Orde & Chaos maar als meesterschap over Orde & Chaos, kerft zijn werken diep in de eeuwigheid, in Wyrd en diep in het heil van een volk. Men kan iemands daden weliswaar tegenwerken, maar nooit ongedaan maken, omdat dit ongedaan maken zelf een bevestiging is van de oorspronkelijke daad. Wanneer je een huis bouwt, kan iemand deze daad alleen tegenwerken door zelf energie en tijd in deze daad te stoppen en zich op jouw leven en werken te richten. De consequentie is dat een daad onomkeerbaar en onuitwisbaar is. Anders gezegd, in Wyrd verdwijnt niets en heeft alles een eeuwige consequentie.

 

Deze eeuwige consequentie gecombineerd met de kracht die uitgaat van de heroïsch spirituele scheppende daad, leidt ertoe dat het ondermijnen van het tegenstaande of het vijandige nooit zoveel impact heeft als de focus op de eigen werken. Degenen die zich in ressentiment keren tegen een tegenstander of vijand (namelijk een manifestatie van het gravitoire of entropische) zullen dan ook nooit zo succesvol als degenen die zich richten op de eigen kracht en de eigen scheppende werken.

 

Deze gedachten condenserend tot een enkele zin: de vijand telt niet.

 

De vijand of tegenstander is niet relevant. Hij mag aan onze fundamenten graven zoveel hij wil. Hij zal altijd een stap achter ons zijn. De noordse geest moet een wilskrachtige, strijdbare, levenskrachtige geest zijn, gericht op de eigen, scheppende werken. Ons leven moet een pad zijn dat een voortdurend werken aan jezelf is, aan het opbouwen van je materiële, martiale en spirituele leven als eenheid van gedachte en daad. Alles wat entropisch, gavitoir, tegenstander of vijandig is heeft dan alleen nog het nakijken, en is dan niet meer dan een tandenknarsend ressentiment tegen het sterkere en levenskrachtige. De jammerende afgunst die het allemaal niet bijbeent en uiteindelijk wegkwijnt.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s